Vertrouwen op onzekerheid

Of ik hem terug wilde bellen. Een jonge man, begin dertig. Wanneer hij opneemt zegt hij: “m’n kop maakt me gek, ik kan de hele dag aan niets anders denken. Ik slaap niet meer, kan me niet meer concentreren, ik ben moe, uitgeput, op. Ik wil weten waar ik aan toe ben. Ik word gek van die onzekerheid”. “Dat is nou net het probleem”, zeg ik.

Een dikke week geleden was hij onderuit gegaan met de racefiets. Niet lekker geworden tijdens zijn wekelijkse rondje Gooimeer. Zomaar opeens. Gezonde man, begin dertig, succesvolle baan, vrouw, kinderen. In het ziekenhuis volgden de nodige onderzoeken. Hoewel de scan niet direct duidelijkheid gaf, was het woord “tumor” inmiddels al een keer gevallen. Uiteindelijk bleek het een klein herseninfarct te zijn. Oorzaak onbekend. Alle reden om je zorgen te maken. Waarom krijg je immers als jonge man een infarct?

Die vraag hield hem ook bezig. En niet alleen “waarom”, maar ook; is er een kans dat dit nog een keer gebeurt? Wie zegt dat het niet toch een tumor is? Wat is de oorzaak?
Vragen in de hoop om antwoorden te krijgen. Om zekerheid te ontvangen.
Waarom is dit een probleem? Omdat je het nooit zal krijgen. Je zal nooit 100% zekerheid ontvangen, en onbewust wéét je dat. Dus iedere dag dat je opstaat met de gedachte: “ik wil zekerheid”, zal je onrust voelen. Frustratie, weerstand, machteloosheid. Iedere dag opnieuw vertel je jezelf eigenlijk een leugen: “ik wil zekerheid”. En je wéét dat je het nooit zal krijgen. Hoe denk je dat je je dan gaat voelen? Hoe zou jij je voelen als iemand jou iedere dag iets vertelt dat niet waar is?

“Ja, maar als ik weet wat de oorzaak is, dan kunnen ze er iets aan doen”. En dat is een ILLUSIE van zekerheid. Stel dat een hartritmestoornis de oorzaak is van het infarct, door het ontstaan van kleine bloedpropjes. Daar kan je iets aan doen. Maar wie zegt jou dat je niet weer een ritmestoornis krijgt? En als er een tumor wordt gevonden en die wordt daadwerkelijk verwijderd, wie zegt dat die tumor niet weer opnieuw gaat groeien….? Je verlegt het probleem, zekerheid zal je nooit ontvangen.

Dus, hoe zou het zijn wanneer je je leert verhouden tot de onzekerheid? Dat je jezelf toestaat om je onzeker te voelen. Met al je twijfels, je onrust, je angst. En dan gewoon vaste grond onder je voeten te voelen. De meesten van ons zijn druk bezig om zekerheid te krijgen, danwel te behouden. En ook de dokters gaan mee in deze illusie. Ze proberen door middel van een enorme hoeveelheid aan onderzoeken, uitslagen en kennis de patiënt gerust te stellen. Meer zekerheid te geven. Hoewel meer duidelijkheid verkrijgen uiteraard heel zinvol is, missen we hier naar mijn idee een heel belangrijk stuk. Namelijk de patiënt leren om te gaan met onzekerheid. Maar hoe kan een dokter dat ooit doen wanneer hij zelf niet weet hoe hij moet dealen met die onzekerheid. Onderzoeken en statistieken nodig heeft om zijn eigen onzekerheid weg te nemen. Wellicht ook uit onvermogen omdat hij niet weet hoe om te gaan met de onzekerheid van de patiënt.

Iemand leren te vertrouwen op de onzekerheid. Dat is iets wat de westerse geneeskunde lastig vindt. De vele vormen van complementaire zorg bieden veel meer mogelijkheden om mensen in die lastigheid te begeleiden. Onzekerheid te voelen, met al haar twijfels en angsten. En daar uiteindelijk rust en vertrouwen in te vinden.